Gemeenschapszorg in Zuid-Afrika Praktijkvoorbeeld van de maand mei 2010
HIV/Aids is een enorm probleem in Zuid-Afrika, waar veel kinderen ernstig onder lijden. Ze worden zelf besmet of krijgen te maken met een langdurig ziekbed en de dood van één of beide ouders. In townships in de Zuid-Afrikaanse plaatsen Wellington en De Doorns krijgen ongeveer 400 kinderen (150 families) steun van NORSA Community Care. De hulp van deze lokale organisatie is gericht op zowel de familie als de gemeenschap, waarvan het kind deel uitmaakt.
 spelletjes met de kinderen
Kwetsbare kinderen De hulp van NORSA richt zich in eerste instantie op de meest kwetsbare kinderen van 0 tot 6 jaar. De meesten worden verzorgd door hun zieke moeder, oma of een ander familielid. Deze kinderen hebben niet alleen te maken met (extreme) armoede, maar ook met mishandeling, verwaarlozing en HIV. De kinderen wonen in krotten en meestal zijn er onvoldoende bedden en te veel mensen in één kamer. Door de enorme werkloosheid hebben veel mensen nauwelijks inkomsten en is er onvoldoende te eten. De kinderen die hulp nodig hebben, worden in het algemeen geïdentificeerd door de sociaal werkers die in dienst zijn van NORSA. Maar ook politie, ziekenhuizen, scholen en kerken roepen soms de hulp in van NORSA.
Kind én familie Je kunt een kind niet helpen zonder steun aan de familie waarvan het kind deel uitmaakt, is de filosofie van NORSA. Daarom richt de hulp zich niet alleen op het kind, maar ook op diens ouders, andere familie of verzorgers. De sociaal werker van NORSA bezoekt het kind thuis en brengt de situatie en behoeftes van de familie in kaart. Vervolgens wordt het gezin geregistreerd onder het zogenaamde Cluster Care Programma. Onderdeel van het programma is dat families die hulp krijgen, ook leren om gezamenlijk problemen aan te pakken en elkaar en elkaars kinderen helpen en beschermen.
Zorg en aandacht Een cluster is een groep van maximaal 15 gezinnen, die worden begeleid door een sociaal werker van NORSA. Deze brengt regelmatig een bezoek aan elk gezin en biedt praktische en emotionele ondersteuning aan zowel ouders als kinderen. Ouders zijn vaak te ziek of vermoeid om voldoende aandacht te geven aan hun kinderen. Voelen ze zich goed, dan zijn ze vaak groot deel van de dag van huis om te werken of om werk te zoeken.
 careworker aan het werk in het gezin
Taboe Hoewel Aids een enorme impact heeft op zowel ouders als kinderen, rust er een taboe op de ziekte, waardoor er niet of nauwelijks over wordt gepraat. Sommige ouders voelen zich daardoor eenzaam en depressief. Voor kinderen is het emotioneel heel zwaar om hun ouders te zien lijden en sterven zonder daarover met iemand te kunnen praten. De sociaal werker maakt de ziekte wel bespreekbaar en probeert kinderen de aandacht en zorg te geven, die hun ouders of verzorgers hen vaak niet meer kunnen bieden.
Gemeenschapszorg De praktische hulp van NORSA richt zich zowel op de kinderen en hun families, als op de gemeenschap waarvan ze deel uitmaken. Gezinnen krijgen maandelijks een voedselpakket, waarvan ze 1 maaltijd per dag kunnen maken. Daarnaast krijgen kinderen kleding en schoolspullen via NORSA. In de townships Wellington en De Doorns heeft NORSA een buurtcentrum opgezet, met een gratis crèche waar kinderen tot 6 jaar worden opgevangen. Oudere kinderen uit de Cluster Care-gezinnen, worden geholpen met schoolspullen zoals uniformen en pennen. Het buurtcentrum in beide townships heeft ook een gaarkeuken, waar inwoners van de townships vijf dagen per week voedzame soep kunnen komen halen. Er wordt gekookt door een paar mensen uit de township, die zo wat geld verdienen. Bovendien levert de soepkeuken een bijdrage aan de voedselvoorziening van arme gezinnen.
 In de klas in het buurtcentrum
Kinderbijslag Arme gezinnen in Zuid-Afrika hebben wettelijk recht op een vorm van kinderbijslag. Ouders en verzorgers die in aanmerking komen voor deze vergoeding worden door de sociaal werker geholpen bij de aanvraag. Dat is vaak een heel geregel, bijvoorbeeld omdat geboortebewijzen verdwenen zijn of omdat men niet weet bij welke instanties men moet zijn. Het aanvragen van kinderbijslag wordt echter wel gestimuleerd en mensen worden daarbij geholpen. Voor gezinnen die helemaal niets bezitten en die geen enkele vorm van inkomsten hebben, is de toelage echter niet voldoende. Voor deze gezinnen blijft enige vorm van ondersteuning van buitenaf noodzakelijk.
Pleegzorg Een belangrijk doel van het werk van NORSA is voorkomen dat kinderen uit hun vertrouwde omgeving worden weggehaald en in een weeshuis belanden, waar individuele aandacht vaak onmogelijk is. Toch zijn er in de townships kinderen die geen ouders of andere familieleden meer hebben, die voor hen kunnen zorgen. Voor deze kinderen zijn kleinschalige gezinshuizen opgezet in de eigen wijk, waarbij een klein aantal kinderen wordt verzorgd door een pleegmoeder. Inmiddels zijn er drie van deze gezinshuizen, die ook verdere ondersteunding krijgen van NORSA.
Toelage Ook pleegouders die de zorg voor weeskinderen op zich nemen, hebben recht op een vergoeding. Een aantal weeskinderen staat inmiddels officieel geregistreerd als pleegkind, en voor hen wordt een toelage ontvangen. NORSA streeft ernaar om voor alle weeskinderen een dergelijke toelage aan te vragen, al is dat niet eenvoudig vanwege de enorme bureaucratie. Het doel is echter dat op den duur alle pleegouders overheidssteun ontvangen, en niet langer afhankelijk zijn van hulporganisaties zoals NORSA.
 Voor het buurtcentrum
Kosten per familie en kind Momenteel worden in de townships Wellington en De Doorns 150 families ondersteund met in totaal ongeveer 400 kinderen. Daarnaast komen nog eens 400 mensen soep halen in de gaarkeukens. De kosten voor ondersteuning van 1 familie bedragen circa € 60 per maand. Daarin is inbegrepen: het voedselpakket (€ 23), salaris van de sociaal werker (€ 5), twee maaltijden, snacks en drankjes voor de kinderen op de crèche (€ 15), salaris van de medewerksters van de crèche (€ 5), luiers, kleding, toiletartikelen (€ 5), kleding, uniform, schoolspullen (€ 5), en administratie en training van stafleden (€ 2). Dit is een heel globale berekening: de kosten kunnen variëren, afhankelijk van de prijzen van voedsel en andere artikelen, van salarissen en van specifieke omstandigheden. Hoewel NORSA goed samenwerkt met overheidsinstanties, is de organisatie grotendeels afhankelijk van giften van bedrijven, particulieren en charitatieve organisaties, zowel uit Zuid-Afrika als uit andere landen.
De organisatie NORSA Community Care is een NGO (niet-gouvernementele organisatie), die in 2006 werd opgericht door een bevlogen Zuid-Afrikaanse vrouw die zich het lot van kwetsbare kinderen aantrok. De organisatie is onderdeel van South Africa Cares for Life, dat kantoor houdt in Pretoria. NORSA is gevestigd in de plaats Wellington in de provincie West-Kaap, en heeft projecten in Wellington zelf, De Doorns en Sandhills. Het werk van NORSA wordt ook financieel gesteund vanuit Nederland door de Stichting Baie Dankie Holland. Meer informatie over de organisatie, projecten en sponsors vindt u op de websites www.norsacommunitycare.org en www.baiedankie.nl. |