Hulp aan kinderhuishoudens in Rwanda
Door burgeroorlog en Aids verloren veel kinderen in Rwanda hun ouders. Als gevolg daarvan zijn er heel veel kinderhuishoudens, waarbij de oudste broer of zus zorgt voor jongere kinderen. Deze kinderen leven vaak in grote armoede, worden volledig aan hun lot overgelaten of zelfs misbruikt door volwassenen. De African Evangelistic Enterprise begon in 2008 met hulp aan 300 huishoudens met 1200 kinderen.

Op zichzelf aangewezen Ruim vijftien jaar na de burgeroorlog in Rwanda zijn de sporen van de genocide nog in vele families te zien. Ook Aids eiste veel slachtoffers, waardoor honderdduizenden kinderen en jongeren opgroeien zonder ouders en andere volwassen familieleden. Naar schatting 13 procent van alle gezinnen in Rwanda bestaat uit kinderhuishoudens. De burgeroorlog heeft er ook toe geleid dat de grotere familieverbanden en de solidariteit in dorpsgemeenschappen niet meer bestaan. Kinderen die hun ouders verliezen, zijn daardoor volledig op zichzelf aangewezen. Het zorgende kind, het hoofd van het huishouden, moet meestal de school opgeven en veel kinderhuishoudens hebben nauwelijks inkomsten.
De hulporganisatie De Rwandese particuliere hulporganisatie African Evangelistic Enterprise (AEE) heeft zich het lot van de kinderhuishoudens aangetrokken. In 2008 begon AEE te werken met kinderhuishoudens in het district Gicimbi in het noorden van Rwanda. Later werd het project uitgebreid naar de Bugesera in het oosten en Rubavu in het westen. Aanvankelijk werd hulp geboden aan 300 kinderhuishoudens met in totaal 1200 kinderen. Later werd dit project onderdeel van een breder programma, dat hulp biedt aan 2100 families met bijna 4500 wezen en andere kwetsbare kinderen. Dat zijn niet meer uitsluitend kinderhuishoudens, maar bijvoorbeeld ook eenoudergezinnen of een grootmoeder die de zorg heeft voor kleinkinderen.
Kind en gemeenschap De hulp aan kinderhuishoudens bestaat uit zowel morele, psychosociale als praktische steun. Het project is erop gericht om de eigenwaarde en het zelfvertrouwen van vooral de hoofden van de kinderhuishoudens te versterken en hun zelfredzaamheid te vergroten. Daarnaast wordt de dorpsgemeenschap bewust gemaakt van de moeilijke situatie waarin kinderhuishoudens zich bevinden. Dorpsleiders en andere volwassen worden aangemoedigd verantwoordelijkheid te nemen voor de veiligheid en zorg voor deze kinderen. Politieagenten en gezondheidswerkers worden door de AEE getraind om speciale aandacht te geven aan kinderhuishoudens.
Praktische hulp Kinderhuishoudens kunnen tegen zachte voorwaarden geld lenen voor de aanschaf van geiten, een koe of kleinvee zoals konijnen. Daarmee kunnen ze inkomsten verwerven, zodat ze op den duur in hun eigen onderhoud kunnen voorzien. Ook worden de huishoudens verzekerd voor de kosten voor gezondheidszorg, waarvan de premie aanvankelijk volledig door het AEE wordt betaald. Rwanda heeft een nationale gezondheidszorgverzekering, die ook arme gezinnen tegen een geringe vergoeding toegang biedt tot gezondheidszorg. Als de kinderen eenmaal een behoorlijk inkomen hebben, gaan ze geleidelijk aan zelf die premie betalen.
Morele en psychosociale steun Elk hoofd van een kinderhuishouden krijgt een mentor; een mannelijke mentor voor jongens en een vrouwelijke mentor voor meisjes. Het kind kiest zelf zijn mentor, die wel nog door het dorpshoofd en AEE wordt gescreend. Deze door de AEE getrainde vrijwilligers bieden de gezinshoofden morele en psychosociale steun. De mentoren komen regelmatig samen om van elkaar te leren en elkaar te ondersteunen in de taak die ze op zich hebben genomen. Hoewel de broers en zussen voor wie ze zorgen meestal wel naar school gaan, hebben gezinshoofden die mogelijkheid vaak niet. Zij moeten immers de kost verdienen en allerlei zorgtaken uitvoeren. De mentor zoekt dan samen met buren of andere dorpsgenoten naar wegen om het gezinshoofd toch een kans op onderwijs te bieden.
Zorgen delen en samenwerken De hoofden van de kinderhuishoudens worden bij elkaar gebracht in groepen, waarbinnen vriendschappen ontstaan en zorgen worden gedeeld. Ook worden er in deze groepen gedichten en toneelstukken geschreven, die in de dorpen worden opgevoerd om de gemeenschap bewust te maken van de problematiek van kinderhuishoudens. Verder werken de gezinshoofden samen bij de behartiging van hun belangen bij dorpshoofden en overheidsinstanties. Tenslotte vormen de kinderhuishoudens ook zelfhulpgroepen, die gezamenlijk activiteiten ontplooien om geld te verdienen. Ook bieden ze elkaar zo morele steun.
Kosten per kind De kosten voor deze vorm van hulp aan kinderhuishoudens bedragen ongeveer € 90,- tot € 100,- per kind per jaar. Daarin zijn inbegrepen: hulp bij toegang tot gezondheidszorg, onderwijs, capaciteitsopbouw en hulp bij het ontwikkelen van economische activiteiten. De steun bij economische activiteiten is erop gericht dat kinderhuishoudens na verloop van tijd zichzelf kunnen onderhouden en niet langer afhankelijk zijn van hulp van buitenaf. De African Evangelistic Enterprise (AEE) in Rwanda wordt ondersteund door de Nederlandse hulporganisatie Red een Kind (ReK) en medegefinancierd door Prisma. Meer informatie over het project en de organisatie is te vinden op de website van Red Een Kind: www.redeenkind.nl |