Rapportage ‘Barrières tegen kindersekstoerisme’

ingevoerd op 13-9-2013

Op 20 augustus 2013 presenteerde de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen de rapportage ’Barrières tegen kindersekstoerisme’. De overheid moet zich actiever opstellen om kinderen tegen Nederlandse kindersekstoeristen te beschermen. Dat zegt de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen in het rapport. De drempel om naar het buitenland te gaan om daar slachtoffers te maken is laag; de kans om daarvoor opgepakt en vervolgd te worden is in veel bestemmingslanden nog klein. Rapporteur Corinne Dettmeijer inventariseerde de mogelijkheden om Nederlandse kindersekstoeristen aan te pakken. Zij komt tot de conclusie dat de overheid beschikbare instrumenten beter moet benutten en nieuwe maatregelen moet verkennen. Vooral het intrekken van paspoorten laat de overheid tot dusver nog onbenut.

Ook kinderen in alternatieve zorg in ontwikkelingslanden - met name in kinderhuizen - lopen risico. In bijvoorbeeld een land als Cambodja komen deze zaken regelmatig voor. Wereldwijd zijn er veel kinderhuizen die niet geregistreerd staan bij de overheid waardoor monitoring - van bijvoorbeeld de kwaliteit van zorg, maar ook van de medewerkers - erg moeilijk wordt. Vaak worden buitenlandse medewerkers of vrijwilligers ingezet. De vraag is dan of deze mensen ook worden gescreend voordat ze hun werk met kinderen beginnen.

”De Nationaal rapporteur is van oordeel dat wanneer het een veroordeelde pedoseksueel wordt verboden om in de buurt te komen van locaties met veel kinderen, het Openbaar Ministerie er op toe zou moeten kunnen zien dat de veroordeelde zich ook in het buitenland niet in de buurt van kinderen begeeft. Dit vergt dat er op wordt toegezien dat de veroordeelde bijvoorbeeld geen school of weeshuis opzet in het buitenland en ook niet als (als vrijwilliger) aan het werk gaat bij een dergelijke instelling. Het ontbreekt het
Openbaar Ministerie momenteel – buiten elektronisch toezicht – echter aan de juridische middelen om hier toezicht op te houden.
(pagina 7)

Een van de voorstellen van de rapporteur is dat de Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) ook in het Engels beschikbaar moet zijn om buitenlandse organisaties bij sollicitaties op functies waarin met kinderen wordt gewerkt in staat te stellen toekomstige medewerkers te laten screenen.

Ook wordt de minister van Buitenlandse Zaken geadviseerd om maandelijks een overzicht te krijgen van Nederlanders die in het buitenland vastzitten of op borgtocht zijn vrijgelaten in verband met seksueel geweld tegen kinderen. Dit overzicht moet toegankelijk zijn voor de Nederlandse politie.

Lees het rapport (http://www.nationaalrapporteur.nl/publicaties/kindersekstoerisme/)